De motor

Een bijzonder kenmerk van de ijsspeedwaymotor is dat de rem volledig ontbreekt. Bovendien heeft hij maar twee versnellingen, waarvan de eerste alleen voor de start gebruikt wordt.

De ijsspeedwayer heeft bijna altijd een motor van het merk Jawa, dat in Tsjechië wordt gemaakt. Dit is een 500cc viertaktmotor met één cilinder, die zo'n 55 pk produceert en methanol als brandstof gebruikt.

Vóór de race wordt door een technische keuring gekeken of de motor aan alle eisen voldoet, ook omdat een redelijk groot gedeelte door de coureurs zelf in elkaar geknutseld wordt. De complete ijsspeedwaymachine mag niet minder wegen dan 110 kilo. Dit heeft op het ijs een top van ongeveer 130 km per uur als resultaat!

Het is wel duidelijk dat dit, in combinatie met de spikes die met deze snelheden als ware cirkelzagen over het ijs gaan, levensgevaarlijk kan zijn. Daarom beschikken ijsspeedwaycoureurs naast hun helm over een motorpak met veel extra protectie. Ook zitten er beschermende kappen over de wielen, maar het belangrijkste is misschien wel het 'dodemanskoord'. Dit is een touwtje dat om de pols zit van de coureur en dat aan het stuur vastgemaakt is. Daar is het verbonden met de ontsteking van de motor. Zodra de coureur het contact met zijn motor verliest, zorgt dit koordje ervoor dat de motor wordt uitgeschakeld en dat de wielen ophouden met draaien. Dus hoewel er meer ijsspeedwaycoureurs zijn met littekens (de bekende 'ritssluiting') dan zonder, is ijsspeedway niet veel gevaarlijker dan andere motorsporten.

Infographic IJsspeedwaymotor

© Lianne Grevink